Bijwerkingen van lichttherapie: wat je kunt merken en voor wie een daglichtlamp niet geschikt is

Illustratie van een oog op een blauwe achtergrond met de titel Bijwerkingen van lichttherapie: wat je kunt merken

Let op voordat je begint: gebruik je medicijnen die je huid of ogen gevoeliger maken voor licht (zoals sommige plastabletten, bepaalde ontstekingsremmende pijnstillers, sint-janskruid of melatonine), of heb je een oogaandoening, diabetes, reuma of een huidaandoening zoals zonneallergie? Overleg dan eerst met je huisarts voordat je een daglichtlamp gebruikt. Heb je een bipolaire stoornis? Begin dan alleen met lichttherapie in overleg met je behandelaar.

Lichttherapie is de eerste keus bij een winterdepressie. Het is een milde behandeling, maar niet zonder bijwerkingen. Sommige mensen krijgen hoofdpijn, vermoeide ogen of een onrustig gevoel. Meestal is dat tijdelijk en gaat het binnen een paar dagen over. In dit artikel lees je wat onderzoek laat zien over bijwerkingen, voor wie een daglichtlamp niet of alleen met overleg geschikt is, en wanneer je beter stopt.

Een daglichtlamp is een aanvulling, geen vervanging van hulp. Blijft je stemming slecht, of twijfel je of het om een winterdepressie gaat? Ga dan naar je huisarts. Denk je aan zelfdoding? Bel dan 113 of 0800-0113, of chat via 113.nl. Dat kan dag en nacht.

Welke bijwerkingen komen voor?

Thuisarts noemt vier klachten die bij lichttherapie kunnen voorkomen: misselijkheid, hoofdpijn, vermoeide ogen en een onrustig gevoel. Gebruik je de lamp te laat op de dag, dan kun je moeilijker in slaap vallen. Dat beeld komt overeen met wat in onderzoek is gevonden.

Wat onderzoek laat zien

Een studie uit 1998 volgde 70 mensen met een winterdepressie tijdens vijf dagen lichttherapie met 10.000 lux, 30 minuten per dag. Bijna de helft (46 procent) meldde minstens één bijwerking. Hoofdpijn en oogklachten kwamen het vaakst voor, elk bij ongeveer 20 procent. Ook misselijkheid en onrust werden genoemd. Bijna alle klachten waren mild en kort. Op de eerste dag meldde een derde van de deelnemers een bijwerking, op dag vier en vijf minder dan 10 procent (Kogan en Guilford, 1998).

Een tweede studie, van Terman en Terman uit 1999, keek bij 83 mensen naar 88 mogelijke klachten, voor en na twee weken lichttherapie met 10.000 lux. De meest genoemde nieuwe klachten waren misselijkheid (16 procent), onrust of zenuwachtigheid (9 procent) en hoofdpijn (8 procent). Opvallend: bij de meeste klachten verdwenen er net zoveel of meer als er bijkwamen. Lichttherapie verbeterde dus ook klachten die niet direct met de stemming te maken hadden, zoals slecht zien en jeuk. Mensen die de lamp in de ochtend gebruikten, voelden zich wat vaker overactief of opgewonden dan mensen die de lamp in de avond gebruikten.

Een Nederlands behandelprotocol uit 2020, geschreven door psychiaters van onder meer GGZ Noord-Holland-Noord en het UMCG, vat het samen als: meestal lichte en tijdelijke klachten, zoals vermoeide of geïrriteerde ogen, lichte misselijkheid, duizeligheid, hoofdpijn en agitatie (Schulte en anderen, 2020).

Hoe lang houden de klachten aan?

In de meeste gevallen een paar dagen. Je lichaam went aan het felle licht. Houd je na een week nog last, dan is het verstandig om iets aan te passen. Verderop lees je wat je kunt doen.

Is lichttherapie veilig voor je ogen?

Dit is de vraag die mensen het vaakst stellen. Een daglichtlamp voor lichttherapie geeft geen uv-licht, en je kijkt niet recht in de lamp. Het licht valt schuin op je ogen terwijl je leest, eet of werkt.

De grootste studie naar oogveiligheid volgde mensen die tot zes winters lang dagelijks 30 minuten een lamp van 10.000 lux gebruikten. Oogartsen onderzochten hun ogen voor en na. Er werden geen afwijkingen gevonden. De onderzoekers concludeerden dat lichttherapie veilig lijkt voor de ogen (Gallin en anderen, American Journal of Ophthalmology). Het Nederlandse protocol uit 2020 schat het risico op oogschade bij gezonde mensen laag in en vindt een standaard oogonderzoek vooraf niet nodig.

Dat geldt voor gezonde ogen. Heb je een oogaandoening, dan ligt het anders. Daarover lees je hieronder.

Voor wie is een daglichtlamp niet geschikt, of alleen met overleg?

Thuisarts en het Nederlandse behandelprotocol noemen een aantal situaties waarin je eerst met je huisarts overlegt. Bij sommige daarvan kan je huisarts je doorsturen naar de oogarts.

Oogaandoeningen

Heb je een aandoening van het netvlies, zoals retinitis pigmentosa of maculadegeneratie? Dan raden deskundigen meestal een andere behandeling aan. Ook bij staar, glaucoom of een recente oogoperatie overleg je eerst met je oogarts. Diabetes en reuma kunnen de ogen beschadigen; ook dan is overleg verstandig.

Medicijnen die je gevoeliger maken voor licht

Sommige medicijnen maken je huid of ogen gevoeliger voor licht. Thuisarts noemt plastabletten en bepaalde ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID’s). Het Nederlandse protocol noemt daarnaast fenothiazinen (een groep antipsychotica), melatonine en sint-janskruid. Gebruik je een van deze middelen, vraag dan aan je huisarts of apotheker of lichttherapie veilig is. Lithium is volgens het protocol op zichzelf geen reden om geen lichttherapie te doen.

Huidaandoeningen

Bij een huidaandoening die door licht erger wordt, zoals zonneallergie, lupus of porfyrie, overleg je eerst met je huisarts.

Bipolaire stoornis

Lichttherapie kan de stemming doen omslaan naar hypomanie of manie. Dat is zeldzaam. Een overzicht van 41 studies vond een risico dat lager lag dan de 4 procent die bij placebo werd gezien. Toch is het belangrijk. De Nederlandse richtlijn voor bipolaire stoornissen zegt dat lichttherapie overwogen kan worden bij een bipolaire winterdepressie, maar dat de psychiater de indicatie stelt. Bij een bipolaire I-stoornis hoort daar een stemmingsstabilisator bij. Het risico op omslaan wordt vergelijkbaar geacht met dat bij antidepressiva. Heb je een bipolaire stoornis, dan begin je dus niet op eigen houtje met een daglichtlamp.

Zwangerschap

De bronnen in dit artikel zeggen niets over lichttherapie tijdens de zwangerschap. Ben je zwanger en somber? Bespreek het dan met je huisarts of verloskundige voordat je een lamp gebruikt. Somberheid in de zwangerschap verdient sowieso aandacht, los van de lamp.

Wat kun je doen als je last krijgt?

Overzicht van milde bijwerkingen van lichttherapie en wat je kunt doen: hoofdpijn of vermoeide ogen, misselijkheid, onrust en slecht inslapen; bij een oogaandoening, lichtgevoelige medicijnen of een bipolaire stoornis eerst overleggen met de huisarts
De meest voorkomende klachten en wat je er zelf aan kunt doen. Blijven de klachten? Stop en overleg met je huisarts.

De meeste bijwerkingen zijn te verminderen door kleine aanpassingen. Thuisarts en onderzoekers geven deze tips.

Hoofdpijn of vermoeide ogen

Ga iets verder van de lamp zitten, of maak de sessie korter. Je kunt ook rustig opbouwen: begin met 10 of 15 minuten en verleng per dag. Kijk niet recht in het licht. Lees of ontbijt terwijl het licht op je gezicht valt.

Misselijkheid

Gebruik de lamp niet op een lege maag, of maak de eerste sessies korter. Ook dit gaat meestal na een paar dagen over.

Onrust of een opgefokt gevoel

Dit komt vaker voor bij ochtendgebruik. Maak de sessie korter, of ga wat verder van de lamp zitten. Voel je je overdreven energiek, slaap je ineens veel minder en heb je het gevoel dat alles kan? Stop dan en neem contact op met je huisarts. Dat kan een teken van hypomanie zijn.

Slecht in slaap vallen

Gebruik de lamp eerder op de dag. Het beste moment is kort na het opstaan. Een sessie in de avond kan je biologische klok verschuiven, waardoor je later moe wordt. Meer over timing lees je in het artikel over wanneer en hoe lang je een daglichtlamp gebruikt.

Wanneer stop je en ga je naar de huisarts?

Stop met de lamp en neem contact op met je huisarts als:

  • je oogpijn hebt, wazig ziet of lichtflitsen ziet;
  • je huid rood wordt of jeukt op de plekken waar het licht valt;
  • je je ongewoon druk, prikkelbaar of uitgelaten voelt en veel minder slaapt;
  • de hoofdpijn of misselijkheid na een week niet minder wordt.

Ga ook naar je huisarts als lichttherapie na twee of drie weken niet helpt. Thuisarts adviseert om dan andere opties te bespreken, zoals gesprekken met de praktijkondersteuner, een psycholoog of medicijnen. Lees meer over die opties in ons overzicht van antidepressiva en in het artikel winterdip of winterdepressie.

Hoe zwaar wegen de bijwerkingen tegen de voordelen?

Lichttherapie werkt bij een groot deel van de mensen met een winterdepressie. Volgens Nederlandse onderzoekers knapt 50 tot 80 procent van de patiënten ervan op (Meesters en Van den Hoofdakker, 1998). Daar staan bijwerkingen tegenover die meestal mild en kort zijn. Terman en Terman noemen de verhouding tussen voordelen en risico’s gunstig. Thuisarts zegt het korter: lichttherapie heeft weinig bijwerkingen.

Dat betekent niet dat je klachten moet negeren. Als je weet wat je kunt verwachten, schrik je minder van hoofdpijn op dag één. En als je weet wanneer je moet stoppen, gebruik je de lamp veilig.

Samengevat

Bijwerkingen van lichttherapie zijn meestal mild: hoofdpijn, vermoeide ogen, misselijkheid en onrust. Ze gaan vaak binnen een paar dagen over. Voor gezonde ogen lijkt de lamp veilig. Heb je een oogaandoening, een huidaandoening die door licht erger wordt, een bipolaire stoornis, of gebruik je medicijnen die je gevoeliger maken voor licht? Overleg dan eerst met je huisarts. Blijven je klachten, of twijfel je? Ga naar de huisarts. En bij gedachten aan zelfdoding: bel 113 of 0800-0113, of chat via 113.nl.

Meer lezen? Begin bij ons hoofdartikel over lichttherapie bij winterdepressie, en lees waar je op let bij het kopen van een daglichtlamp.

Bronnen

Scroll naar boven